Herken je dit? Je hebt een strak sportschema en je eet gezond, maar je verliest geen kilo. Wij hebben een aantal mogelijke redenen op en rij gezet, waardoor je niet kunt afvallen.
Redenen waarom je niet afvalt
Stress
Wanneer je veel stress in je leven hebt, dan kan dit de reden zijn waarom het niet lukt om af te vallen. Er gebeurt van alles met je lichaam wanneer je stress hebt. Eén daarvan is dat je lichaam het hormoon cortisol gaat aanmaken. Cortisol zorgt onder andere voor een verhoogde bloedsuikerspiegel. Het lichaam breekt hiervoor eiwitten uit het spierweefsel af. De afbraak van spierweefsel zorgt ervoor dat je stofwisseling vertraagt. Niet kunnen afvallen kan dus te maken hebben met stress.
Slaap
Mensen die minder dan 4 uur per nacht slapen, hebben bijna driekwart meer kans om aan te komen. Dit komt omdat te weinig nachtrust kan leiden tot de behoefte om meer eten. Dit kan een gewichtstoename betekenen. De reden hiervoor is, dat het als een soort van een stoorzender werkt op je hormonenbalans, die je honger en je eetlust controleert. Wanneer je onvoldoende hebt geslapen bevat het bloed minder leptine en meer ghreline. Leptine zorgt voor een verzadigingsgevoel en ghreline bevordert de eetlust. Dit zou ook gelden voor te veel slapen, ook dat zou voor een gewichtstoename kunnen leiden. Natuurlijk is een slaapbehoefte voor iedereen weer anders en afhankelijk van de leeftijd, maar een gemiddelde nachtrust in harmonie met de biologische klok, zou tussen de 6,5 tot 7,5 uren liggen.
Hormonen
Hormonen spelen een grote rol bij het afvallen. Als gevolg van een teveel aan oestrogeen zal er bij vrouwen meer vet ontstaan bij de benen en billen, en bij mannen bij de borsten. Dit teveel kan komen door het slikken van de anticonceptiepil, of door het eten van sommige vleeswaren. Ook in soja en peulvruchten kunnen hormonen zitten. Door aan krachttraining te doen, kun je proberen om deze vetvorming tegen te gaan. Ook insuline is een hormoon. Insuline zorgt ervoor dat glucose (suikers) in het bloed de lichaamscellen binnen kunnen. Insuline hebben we nodig voor onze dagelijkse energie, maar zowel een overschot als te kort aan insuline is slecht voor je lichaam. Een teveel aan insuline gaat vaak gepaard met overgewicht.
Water
Omdat water geen calorieën bevat is het van nature de ideale dorstlesser. Wanneer je voldoende water drinkt, heb je automatisch minder behoefte aan suikerrijke drankjes zoals frisdrank of fruitsap. Dit heeft dan weer als effect dat je minder calorieën binnenkrijgt. Er bestaan diëten waarbij het advies is om dagelijks 1 ½ liter koud water te drinken voor een betere stofwisseling en vetverbranding. Hier bestaat geen wetenschappelijk bewijs voor. ’s Morgens beginnen met het drinken van een glas lauw water kan wel voor een vlottere stoelgang zorgen.
Sportdrankjes
Door voldoende te bewegen of intensief te sporten, bouw je spiermassa op en verbrand je calorieën. Maar wanneer je iedere keer na het sporten een suikerrijk sportdrankje drinkt of calorierijk gaat snacken, is alle moeite voor niets geweest. Dus wees zuinig met proteïnerepen, sportdrankjes en snacks. Wanneer je na het sporten trek hebt in een snack, snack dan gezond.
Te weinig eten
Vaak valt de keuze op minder tussendoortjes en minder eten, wanneer iemand wil afvallen. Echter, het blijkt soms effectiever om meer te eten. Door 6 kleine maaltijden per dag te eten val je sneller af. Het eerste voordeel is, dat je veel minder honger hebt dan wanneer je bijvoorbeeld 2 grotere maaltijden per dag eet. Daarnaast is het zo dat wanneer je 2 of 3 eetmomenten op een dag hebt, je lichaam energie gaat sparen. Dat wil zeggen, dat je vetverbranding tussen die maaltijden op een lager pitje staat. Wanneer je om de 3 uur eet, weet je lichaam dat veel calorieën opslaan niet nodig is. Regelmatig eten zorgt ook voor een stabiel bloedsuikergehalte. Wanneer je te lang niet eet, zakt je bloedsuikerspiegel. Als je bloedsuikerspiegel onstabiel is, dan sla je meer vet op dan wanneer je een stabiel bloedsuikergehalte hebt. Vaker eten op een dag resulteert uiteindelijk in minder vetopslag en een hogere vetverbranding.
Medicijnen
Sommige geneesmiddelen tegen depressiviteit, migraine, diabetes, stemmingsstoornissen en hoge bloeddruk, hebben als bijwerking dat je ervan aankomt. Van deze medicijnen kun je soms in korte tijd tot wel 5 kilo aankomen. Van het ene medicijn kan je trek krijgen, het andere verandert iets aan de stofwisseling en een ander kan ervoor zorgen dat je meer vocht vasthoudt. Wanneer je merkt dat je na het starten met een medicijn snel aankomt, bespreek dan met je arts of je over kan stappen op een ander medicijn.
Alcohol
Je wordt van alcohol dik omdat de calorieën uit alcohol meteen worden verbruikt. Hierdoor worden de overige calorieën opgeslagen als vet wanneer deze boven je energiebehoefte van 2000/2500 calorieën uitkomen. Bij mannen gaat het extra vet in de buik zitten. Bij vrouwen gaat het extra vet vooral in de heupen, bovenbenen en armen zitten. Daar komt nog eens bij dat alcohol de afbraak van vet uit de voeding vertraagt.
Te trage schildklier
Bij sommige mensen werkt de schildklier te langzaam. Dat kan ertoe leiden dat ze bijkomen. De schildklier maakt hormonen aan, die het energiepeil en de voedselafbraak door het lichaam controleren. Wanneer je schildklier onvoldoende van die hormonen vrijgeeft, dan kan dat het afvallen bemoeilijken. Het kan ook zorgen voor een opgeblazen gevoel omdat het lichaam te veel vocht en zout ophoudt. Vaak kan medicatie helpen, praat erover met je arts wanneer je denkt dat je schildklier te traag werkt.
Overig
De overgang is een periode waarin heel veel vrouwen dikker worden, deze extra centimeters situeren zich vooral rond de buik. De spiermassa vermindert, de hormonenspiegel wijzigt en de slaap wordt vaak wat korter en minder. Tenslotte kunnen ook je genen de reden zijn van hoeveel je weegt of hoe je lichaam vet opslaat.
Bronnen: wibnet.nl en health.com




